Digitale dekmantel

 

Als iets erg gecompliceerd lijkt, dan geven de meeste mensen er de voorkeur aan om dat iets te behandelen alsof het iets eenvoudigs en banaals is. Computers hebben iets ondoorgrondelijks. Dat komt omdat het zeer ingewikkelde machines zijn. De complexiteit wordt verborgen achter een enigszins gebruiksvriendelijke toegangslaag. Deze bestaat uit een toetsenbord, een scherm en een aantal hulpapparaten die de bediening vergemakkelijken of de gebruiksmogelijkheden vergroten. Bovendien zorgt software ervoor dat het gebruik enigszins inzichtelijk en hanteerbaar wordt. Van de gebruiker wordt verwacht dat hij vertrouwt dat de computer doet wat de gebruiker denkt dat hij zou moeten doen. Vaak wordt de gebruiker daarin niet teleurgesteld. Soms gaat het fout. Meestal heeft de gebruiker dan de aanwijzingen verkeerd begrepen. Vrijwel altijd krijgt de computer de schuld. Soms ligt de schuld ook daar. De computer is zo ongelofelijk complex dat er hier en daar toch fouten in schuilen. Dat geldt dan vooral voor de software. Vooral complexe software is meestal erg fragiel.

 

Een veel voorkomende fout is dat de gebruiker de computer meer kunde toedicht dan deze kan waarmaken. Een computer heeft een eindige hoeveelheid geheugen en wordt kreunend langzaam wanneer hij tegen deze grens aan loopt. Dit komt omdat de computer er dan voor kiest om zijn activiteiten met de harde disk als geheugen uit te voeren in plaats van met het veel snellere RAM geheugen. Een computer kan maar een beperkt aantal taken tegelijk uitvoeren en kan vastlopen als dat aantal te groot wordt. Bepaalde gewilde of ongewilde programma’s kunnen de goede werking van de computer verstoren doordat zij de beschikbare bronnen in de computer misbruiken. De ongewilde programma’s komen de computer binnen doordat de gebruiker de computer openlaat voor aanvallen die van buiten komen via internet of via onbeveiligde weg verkregen programma’s.

 

Doordat een computer zeer veel gegevens kan bevatten kan de gebruiker de indruk krijgen dat men daar vrij mee om kan gaan. De grote berg gegevens heeft echter alleen zin als men ervoor gezorgd heeft dat men deze gegevens ook zinvol kan verwerken. Het heeft geen zin om duizenden muziekstukken op te slaan als men deze niet kan beluisteren. Hetzelfde geldt voor plaatjes en filmpjes. Sommige bedrijven slaan massa’s gegevens op om er bij calamiteiten iets mee te kunnen doen, om vervolgens bij een calamiteit te ontdekken dat men de moeizaam verzamelde gegevens niet tot bruikbare informatie kan verwerken. Scholen slaan resultaten van leerlingen op om hun voortgang te documenteren maar vergeten vaak om uit te zoeken hoe zij deze informatie moeten omvormen tot een bruikbare en zinvolle rapportage. Zo bestaan er nog veel meer vormen van ongedacht computermisbruik.

 

De computer speelt een steeds grotere rol in de intermenselijke communicatie. Tegelijkertijd neemt de hoeveelheid en de intimiteit van deze berichtuitwisseling toe. Tevens neemt de openheid toe en wordt de berichtveiligheid minder. Op deze wijze steelt de computer ongemerkt de privacy van onvoorzichtige gebruikers.

 

Ondanks de groeiende onbeheersbaarheid van computers spelen deze apparaten een steeds grotere rol in de samenleving. Als er iets fout gaat geeft men maar al te vaak de computer de schuld. Op deze wijze wordt de computer de dekmantel van de menselijke onkunde. Vrijwel iedereen voelt aan, dat dit de waarheid is. Het gevolg is wel, dat men de computer zijn fouten gemakkelijk vergeeft en de hinderlijke situatie accepteert.